vrijdag 30 december 2005
donderdag 29 december 2005
Nieuw stripje voor Phulphe
Had al een tijdje een stripje klaar voor PDL, maar de scenarist wou nog wat wijzigingen aan de tekstjes. Dat is nu gefikst. De pulpers zelf kunnen al een voorpublicatie bekijken, maar voor 'het grote publiek' blijft het bij deze ene prent.
De sponser had wel als voorwaarde dat de product-placement wat in de verf werd gezet.
Bij deze.
De sponser had wel als voorwaarde dat de product-placement wat in de verf werd gezet.
Bij deze.
zondag 25 december 2005
vrijdag 23 december 2005
donderdag 22 december 2005
Fijne Feesten!
woensdag 14 december 2005
Pulp Deluxe op Strip Turnhout 2005
Komend weekend (17-18 december) is het dan eindelijk Strip Turnhout 2005, de opvolger van de vroegere Stripgidsdagen en Pulp Deluxe is dan natuurlijk ook aanwezig. Op zondag 18 december nemen ze zelfs de volledige stand van Bee Dee in beslag en komen volgende tekenaars signeren tussen 11u en 18u : Steven Dupré, Brecht Evens, Randall Casaer, Kristof Spaey, Stedho, Lode Devroe en misschien ook een momenteel nog herstellende Mario Boon. Randall Casaer zal die dag ook nog signeren op de stand van Defensie, ter gelegenheid van de voorstelling van het album Defensie Stript, net zoals Stedho dat die dag ook nog op de stand van Oogachtend te vinden zal zijn.
Op zaterdag zijn Steven Dupré, Stedho en Kristof Spaey reeds te vinden op de stand van Bee Dee.
Alle informatie over Strip Turnhout 2005 kan je natuurlijk ook nog vinden op hun website op http://www.stripturnhout.be, waar ook eventuele wijzigingen te lezen zullen zijn.
dinsdag 13 december 2005
Blog nr. 12
De Blog van het jaar 2005 van ClickX Magazine is deze Blog niet geworden, maar we eindigden wel nog op een mooie 12de stek. Nog eens bedankt aan allen die voor ons gestemd hebben en ook een proficiat voor onze stripcollega's van Strippers in Webland die mooi 4de eindigden. :)
Hou nu alvast ClickX Magazine nr. 110 in de gaten trouwens en meer bepaald de nieuwe Site van de week aldaar. ;)
zondag 11 december 2005
Getting SeaDog...
Mijn eerste schetsje voor Cocoon. 't Is te zeggen : voor het deel na de proloog. Vrij getrouw naar Andrew Wyeth. Wegens te euforisch over het resultaat heb ik het ding ingescand op 600 dpi. "102.8Mb !?" verslikte mijn schijf zich. In photoshop duurde het even voor de preview gegenereerd was. "Getting SeaDog...", mocht ik ondertussen lezen. Da's een mooie titel dacht ik zo. Hooglichten zijn artefacts van de scanner. Het schetsje is eigenlijk 'platter'.
---------------------------------------------------
Dit is het personage Flora, dochter van schrijver Bradwardine.
Ook weer getrouw naar "Maud Cook" van Thomas Eakins.
zaterdag 10 december 2005
donderdag 8 december 2005
Lijntjes ?!?
woensdag 7 december 2005
Lijntjes
In het virtuele doch rokerige stamcafe van de Pulp tekenaars wordt al eens een mapje met nieuw werk opengegegooid op een digitaal plakkerige toog.
Tussen pint en pot zegt iedereen zijn gedacht.
Ik zit meestal wat afzijdig een thee te drinken en zwijg in alle kompjoetertalen.
Maar dees keer kon ik het niet laten en nam ik in bescherming wat ik zelf al langer koester :
Tussen pint en pot zegt iedereen zijn gedacht.
Ik zit meestal wat afzijdig een thee te drinken en zwijg in alle kompjoetertalen.
Maar dees keer kon ik het niet laten en nam ik in bescherming wat ik zelf al langer koester :
Pamplet voor de Fijne Lijntjes
Ik zeg het fijntjes
maar 'k hou van die dunne lijntjes.
Elk etser zal het weten :
voor die lijntjes moet je zweten.
Een naald op een kop'ren plaat,
geen printer evenaart dit resultaat.
Zo bracht zelfs Hergé de inkleurder van z'n stuk :
"Maar man toch, die nuances gaan verlor'n in de druk !"
Al heeft het wel iets heel naiefs,
lang leve subtiliteit in 't tekenen of ander creatiefs.
'n pleidooi voor Van Eyck in elk van ons,
'n houten paneel bedekt met dons.
Al mag 't voor mij ook Oosters zijn,
of zelfs Joost Swarte's Klare Lijn.
Zo stond gister'n nog voor mijn ogen,
een schoonheid te dansen in reg'nbogen.
Haar sierlijkheid was zo fluwijntjes,
en 'k fluisterde : 'k hou wel van die fijne lijntjes...
dinsdag 6 december 2005
zondag 4 december 2005
SFX en textures
donderdag 1 december 2005
dinsdag 29 november 2005
Vandaag houden we even halt ...
maandag 28 november 2005
Monster door mijn nicht en mezelf
zondag 27 november 2005
woensdag 23 november 2005
maandag 21 november 2005
And now for something completely different
zondag 20 november 2005
mijmeren op zondagnacht....
... hier bij Skull Rock was er veel kans om er eentje te zien ... een critter ... hier was een plooi in de realiteit ... ze komen van Etheria ........................................a
donderdag 17 november 2005
English of Vlaams?
een preview. Wordt omgeturnd in een short story voor pulp deluxe. Geen worry!
Ik vraag me wel af of ik het toch niet in het english moet laten, want dit is zo'n typisch anti-heldstrip waar de engelstaligen zo goed in zijn. Zie The Soprano's, Godfather en bijna elke Robert De Niro-film. Hier heb je dat zo niet, i think. Een feitelijke crimineel die uiteindelijk iets minder crimineel is dan zijn omgeving en zo "the good guy" wordt waar je mee sympathiseert.
Maar hij blijft een crimineel
Nu ja, ligt hier een gat in de markt te gapen?

(ps, shit, postte ik bijna de betere pagina die de plot prijsgeeft!! Net op tijd gemerkt. Nog even geduld: binnenkort te zien op jouw favoriete online stripwebsite!)
Ik vraag me wel af of ik het toch niet in het english moet laten, want dit is zo'n typisch anti-heldstrip waar de engelstaligen zo goed in zijn. Zie The Soprano's, Godfather en bijna elke Robert De Niro-film. Hier heb je dat zo niet, i think. Een feitelijke crimineel die uiteindelijk iets minder crimineel is dan zijn omgeving en zo "the good guy" wordt waar je mee sympathiseert.
Maar hij blijft een crimineel
Nu ja, ligt hier een gat in de markt te gapen?
(ps, shit, postte ik bijna de betere pagina die de plot prijsgeeft!! Net op tijd gemerkt. Nog even geduld: binnenkort te zien op jouw favoriete online stripwebsite!)
dinsdag 15 november 2005
De Troon
Zo'n 5 jaar geleden had ik een idee voor een kortverhaal rond een meisje dat tussen een groep intelligente dino's leeft. Er is nooit echt iets van gekomen, maar nu zie ik bijna hetzelfde idee terug bij Desberg en Hardy. Er is echt niets nieuws meer onder de zon...
Enfin, het is in ieder geval een excuus om nog eens wat naakt op deze blog te posten.
ClickX Blog van het jaar 2005 : Blog Deluxe ?
Allen dus naar http://www.sitevanhetjaar.be om te stemmen.
maandag 14 november 2005
zondag 13 november 2005
Het Groot Nieuw Project
vrijdag 4 november 2005
wroeten
hoi! iets van school: een boer die naar 'n diskman luistert. http://users.skynet.be/brechtevens/Tekeningen/Boer.htm
dinsdag 1 november 2005
Dr. Dia site gelanceerd
In afwachting van de nieuwe Pulp Deluxe-site is er vanaf nu de langverwachte Dr. Dia-site die afgelopen weekend gelanceerd werd. En die wordt hopelijk de voorbode van het eerste, al even langverwachte, album van Dr. Dia van Lode Devroe.
Allen naar http://drdia.lodedevroe.be
tiens, had ik dit nog?
bij het uitkuisen van mijn map "projecten" op mijn mac vond ik dit nog: een afgeketste strip op scenario van Pieter van Oudheusden. Dit was de tweede of derde poging om het uit te werken maar ik vond de tekeningen nooit geslaagd genoeg en uiteindelijk had ik er ook geen goesting meer voor.
Ik heb er toch nog wel wat spijt van. Ik denk dat ik dit zo zwaar in potlood uitgewerkt had om het daarna digitaal te schilderen maar dat zou ook weer zoveel werk vergen.
Dit project was ook het begin van mijn Venetië-obsessie en IK ZAL EEN VENETIË-STRIP MAKEN!! Al was het maar om weer foto's te gaan trekken

En met deze pagina was ik weer gewoon gaan werken. De layout was toen beinvloed door de Amerikaanse comic Sleeper
Ik heb er toch nog wel wat spijt van. Ik denk dat ik dit zo zwaar in potlood uitgewerkt had om het daarna digitaal te schilderen maar dat zou ook weer zoveel werk vergen.
Dit project was ook het begin van mijn Venetië-obsessie en IK ZAL EEN VENETIË-STRIP MAKEN!! Al was het maar om weer foto's te gaan trekken
En met deze pagina was ik weer gewoon gaan werken. De layout was toen beinvloed door de Amerikaanse comic Sleeper
vrijdag 28 oktober 2005
Roze in de krant
Ravissante Rozemieke is groot geworden en staat
vandaag in de weekendstripbijlage van
de GvA en HBvL ....................../
donderdag 27 oktober 2005
dinsdag 25 oktober 2005
Pulp Deluxe op de Boekenbeurs
Ja, normaal gezien is dit een item dat ieder jaar in de nieuwsbrief staat, maar gezien de eerstvolgende nieuwsbrief voor na de Boekenbeurs zal zijn, zit het hier maar eens voor een keertje. Met dank aan de kalender van Beedeefiel waar ik m'n info van gehaald heb. :)
Ook dit jaar zitten er dus een aantal Pulp Deluxe-tekenaars op de Boekenbeurs voor een signeersessie en in verspreide slagorde zijn dat de volgende :
woe 2 november
16u-18u : Stedho (Standaard Uitgeverij)
don 3 november
15u-17u : Mario Boon (Dupuis)
zat 5 november
15u-17u : Mario Boon (Dupuis)
15u-17u : Freek Van Haagen (Dupuis)
zon 6 november
14u-16u30 : Brecht Evens (Van Halewyck)
don 10 november
20u-22u : Steven Dupré (Dupuis)
vri 11 november
14u-17u : Brecht Evens (Van Halewyck)
Meer info over de Boekenbeurs vind je natuurlijk ook op hun website. Eventueel komen er hier wel nog aanpassingen.
zondag 23 oktober 2005
Mijn eerste post
Eeen sfeertekening voor een stripje dat ik wellicht wil maken.
ik wilde hier ook iets slims/grappigs typen, maar daarvoor verwijs ik jullie door naar Ivan. (mijn nieuwe stripje op eigen scenario wordt dan ook praktisch tekstloos!)
zeefdrukker
boeken...
...als je ze maar niet van buiten moet leren, Mario ;-) ....
Another illustratie voor schoolboeken....µ
vrijdag 21 oktober 2005
Ik haat boekenwinkels!
dinsdag 18 oktober 2005
zondag 16 oktober 2005
Wrong Science
Illustratie voor een manifest over een recente hetse rond één van de meest foute wetenschappen sinds 1947:
http://www.ufowijzer.nl/tekstpagina/DebatterenMetSceptici.html
http://www.ufowijzer.nl/tekstpagina/DebatterenMetSceptici.html
zaterdag 15 oktober 2005
Hoofdstuk 1zonder prentjes
(Wat hoogstwaarschijnlijk tevens het enige zal zijn)
Ik werd achtendertig jaar geleden geboren uit mijn moeder. Twee anderen waren mij die weg al voorgegaan, dus leverde dat geen noemenswaardig oponthoud op. Integendeel.
In de verloskamer waren naast mijn moeder, een vroedvrouw en een gynaecoloog verder niemand aanwezig. Die ochtend was de hoogzwangere vrouw nog druk doende geweest de vloer van de gang te schrobben. Gezeten op haar knieën, allicht niet weinig gehinderd door haar gezwollen buik, was zij in de weer op de natte tegelvloer. Haar man verpakte in de keuken zijn boterhammetjes in aluminiumfolie en maakte zich op om naar zijn werk te vertrekken. Waar haar gedachten naar uitgingen weet ik niet precies, maar vast staat dat ze werktuiglijk haar dweil over de tegels moet gewreven hebben, want op het moment dat haar vliezen braken merkte ze dat niet. Vruchtwater vermengde zich met het sop toen de weeën begonnen. Dat deed haar ogenblikkelijk terugkeren naar de werkelijkheid. Ze gilde door de gang naar haar echtgenoot dat het ogenblik was gekomen. Hij stak zijn hoofd de gang in, zich er voor behoedend de gladde vloer te betreden en vervolgens met een schuiver van jewelste een doodssmak te maken. Dat konden ze nu best missen. Maar van enige paniek was geen sprake. Ze hadden immers al twee geboorten achter de rug en wisten dus waaraan ze zich konden verwachten. In die jaren was ouderschapsverlof nog een nieuwigheid, en vaderschapsverlof onbestaand, dus overlegden mijn vader en moeder terwijl hij haar ondersteunde onderweg naar het toilet, het dichtstbijzijnde zitmeubel. Vanuit hun eerdere ervaringen hadden ze geleerd dat een bevalling niet noodzakelijk in een beperkt tijdsbestek afgehandeld wordt. De oudste had er maar liefst zestien uren gevuld met hard labeur voor nodig om uiteindelijk met behulp van de forceps ter wereld te komen. De tweede bleek in vergelijking een snelle jongen, maar ook hij deed er nog vlotjes negen uur over. Mijn vader wist, eveneens uit ervaring, dat wanneer hij niet op zijn werk verscheen omdat hij zijn vrouw moest bijstaan bij de geboorte van een kind, hem dat een betaalde vakantiedag zou kosten. De vorige keer waren de weeën begonnen even na middernacht en bevond hij zich aan de zijde van zijn vrouw in de verloskamer terwijl hij verwacht werd aan zijn bureau te zitten. Het opnemen van zijn vaderlijke verantwoordelijkheden en de nalatigheid in de euforie zijn afwezigheid te melden zorgden er voor dat hij voor die dag geen loon uitbetaald kreeg. Anders was het echter wanneer hij zoals gewoonlijk naar zijn werk vertrok en deed alsof er geen vuiltje aan de lucht was, tot zijn vrouw hem met een telefoontje terug naar huis zou sommeren. De verplaatsing naar zijn werk kostte hem een kleine twintig minuten. Ze zou hem met een gerust hart nog een half uurtje aan zijn bureau kunnen laten zitten alvorens hem op te bellen met het heuglijke nieuws dat het zo ver was. Dan had hij nogmaals een twintigtal minuten nodig om huiswaarts te keren, en een kleine rekensom som leerde hem dat dat alles slechts een tijdsbestek van een uur en tien minuten zou vergen. Zelfs als hun derde kind nog minder tijd nodig had om het levenslicht te aanschouwen dan bij de vorige het geval was, dan nog bleef er genoeg tijd over om haar naar het ziekenhuis te brengen. De hijgende en puffende vrouw vond alles best, zolang hij haar maar van dat verdomd oncomfortabele toilet af hielp en haar op de fauteuil installeerde.
Vader stapte in zijn rode Peugeot 404 en vertrok. Ietwat nerveus vanwege de op handen zijnde gebeurtenis nam hij met licht trillende hand een sigaret uit het pakje in zijn borstzak. Overhellend naar links tastte hij in zijn rechterbroekzak naar zijn aansteker. Hij vond het ding niet meteen, wat hem nog nerveuzer maakte. Had hij het misschien in zijn haast op de keukentafel laten liggen? Terwijl hij in zijn andere broekzak woelde zag de chauffeur van de wagen achter hem hoe de Peugeot licht begon te slingeren en zag mijn vader niet meteen het Volkswagenbusje dat niet van plan was zijn voorrang van rechts op te geven. Slechts een ogenblik later kon hij er niet naast kijken, want het had zich bepaald onzacht tegen zijn koetswerk gevleid. De achteropkomende chauffeur slaagde er in erger te vermijden en bracht zijn wagen tot stilstand. De bestuurder van het busje was al uitgestapt en tikte boos op het raam van de Peugeot, dat mijn vader geschrokken, de sigaret verfomfaaid tussen zijn lippen bungelend, naar beneden draaide. Hij durfde de rood aangelopen man niet om een vuurtje vragen, hoewel hij daar op dat ogenblik het meest behoefte aan had. Dus stapte hij op zijn beurt ook uit en inspecteerden de beide mannen de blikschade aan hun voertuigen. Mijn vader kon niet anders dan ruiterlijk toegeven dat de fout geheel bij hem lag. Gelukkig viel de schade al bij al nog mee. Het busje had een bumper verloren en een gebarsten koplamp, de Peugeot een fikse deuk in het spatbord. Hij probeerde net de chauffeur van het busje te overtuigen de verzekeringen niet op de hoogte te brengen en de zaak onderling te regelen toen de getuige er zich mee kwam bemoeien. Hij beende op de beide mannen af, roepend dat hij alles had gezien, en wel zou getuigen wanneer de politie zou opdagen. Mijn vader legde hem uit dat er geen politie opgeroepen hoefde te worden, dat ze er zo ook wel uit zouden komen, toen de man de bestuurder van het busje vertelde dat hij de Peugeot over de weg zag slingeren even voor de botsing. Hij was er van overtuigd dat mijn vader stomdronken was. Dat veranderde de zaak. Mijn vader probeerde nog hen beiden van het tegendeel te overtuigen door in hun gezicht te ademen en hen zich er van te laten vergewissen dat die adem geen zweem van een doordringend alcoholluchtje bevatte, maar de getuige was al onderweg naar een nabijgelegen café om daar de hulpdiensten te verwittigen. De chauffeur van het busje dwong hem in dezelfde richting te lopen terwijl mijn vader hem naar waarheid trachtte uit te leggen dat hij niet kon blijven wachten op de politie. Hij moest dringend naar huis omdat zijn vrouw op het punt stond te bevallen. Even leek de man te twijfelen, tot hij vroeg waar hij dan wel woonde en bij het horen van het adres concludeerde dat die locatie zich net in de tegenovergestelde richting bevond van de richting die mijn vader uitreed tot het ogenblik waarop hun beider carrosserieën elkaar omhelsden. Hij greep mijn vader stevig bij zijn nekvel en zette er stevig de pas in naar het café.
Mijn moeder merkte hoe de weeën steeds sneller en heviger werden en belde naar mijn vaders bureau, waar ze een collega aan de lijn kreeg die haar meldde dat hij nog niet op zijn post was gearriveerd. Nu voelde ze hoe een lichte paniek zich van haar meester maakte. Hij vroeg de man haar echtgenoot bij zijn aankomst te vertellen dat zij het niet langer hield. Ze zou een taxi bellen die haar naar het ziekenhuis zou brengen. Ze gooide de hoorn op de haak en vervolgens enkele toiletartikelen en een nachtjapon in een koffer, pauzerend wanneer de snerpende pijn in haar onderbuik weer in alle hevigheid kwam opzetten. Terwijl ze de taxi belde bedacht ze zich dat ze de buurvrouw moest vragen de oudste kinderen van school te halen. En waar hing die waardeloze vent van haar eigenlijk uit nu ze hem zo nodig had? Opnieuw belde ze naar zijn werk en opnieuw bleek er dat niemand hem daar had zien opdagen. De buurvrouw had haar liever naar het ziekenhuis begeleid dan de kinderen op te moeten vangen ? ze wist wat voor vervelende kereltjes dat konden zijn - maar beloofde desondanks die zware taak op haar frèle schouders te nemen. Toen de taxi eindelijk de straat indraaide stond zowat het volledige buurvrouwencorps op de stoep om mijn moeder uit te wuiven. Toen de taxibestuurder hoorde wat er op til was en hij het niet ondenkbaar achtte dat de blijde gebeurtenis zich op zijn achterbank zou voltrekken weigerde hij mijn inmiddels als een rund zwetende moeder te vervoeren. Ze moest maar een ziekenwagen bellen, vond hij. De arme vrouw snakte naar adem, maar vond er toch nog voldoende om de onwillige chauffeur rood aangelopen van uit de diepte van haar longen toe te gillen dat ze geen vruchtwater meer zou morsen op zijn kostbare interieur: De vliezen waren al uren geleden gebroken. Het buurvrouwencorps gilde hem op haar beurt toe wat een harteloze bal gehakt hij wel was, in zoveel mogelijk varianten daarop als ze maar konden bedenken, en dat waren er heel wat, terwijl één van hen naar binnen rende, zich glijdend door de blinkende gang een weg baande naar de keuken en daar het plastic tafellaken van de formica tafel griste. Het tafellaken werd over de achterbank gedrapeerd en mijn moeder daar bovenop. De taxi reed met gierende banden de straat weer uit. Het buurvrouwencorps was tevreden. Ze hadden de chauffeur eens goed op zijn nummer gezet en daarmee meteen ook een onderwerp om eventuele stiltes in de gesprekken bij de slager op te vullen.
De taxichauffeur trapte het gaspedaal diep in. Hij wilde dat hijgende, kreunende mens zo gauw mogelijk kwijt. Bovendien merkte hij in zijn achteruitkijkspiegel dat mijn moeder zich op de achterbank had omgedraaid, en zittend op haar knieën, haar armen zwaar leunend op de hoedenplank probeerde de pijn van de alsmaar heviger weeën te verbijten. Ze stootte daarbij hem afschuwelijk in de oren klinkende rauwe klanken uit die hem deden terugdenken aan die keer in zijn kindertijd, toen de oudste zoon van de boerderij aan de overkant van zijn vader de opdracht had gekregen een nest pasgeboren katjes van kant te maken en de zoon er een duivels genoegen in schiep daar een hele namiddag mee zoek te maken. Hij zette de autoradio aan, hard genoeg om het gejammer van zijn passagier te overstemmen. Hij dreef het volume op maar de vrouw gilde nu nog luider, dus nam hij zijn toevlucht tot het laatste redmiddel en brulde ?Silence is Golden? luidkeels mee. Tot hij inzag dat ze niet zomaar gilde, ze had het tegen hém, en ze wilde dat hij stopte. Dus hield hij zijn klep, maar ze bleef roepen dat hij moest stoppen. Ze wees naar een langs de kant van de weg geparkeerde Peugeot 404. Hij hield halt, zij beval hem in achteruit terug te rijden tot bij de achtergelaten auto. Eenmaal daar sprong ze met een gezien de situatie verbazingwekkende souplesse uit de taxi, liep op de rode auto af en tuurde door het raampje naar binnen. Daar ontwaarde ze niemand, en briesend zocht ze de omgeving af naar haar onbetrouwbare echtgenoot. Tijd om een speuractie te ondernemen had ze niet, ze had enkel haar woede. Haar woede én de losgeraakte bumper van een Volkswagenbusje. Daarmee koelde ze haar woede op de koplampen en de voorruit van de Peugeot, tot de taxichauffeur haar er op attendeerde dat de teller nog steeds liep en of ze oorspronkelijk niet iets anders gepland had dan het verbouwen van geparkeerde auto?s. Het leek hem niet verstandig daar nog lang mee door te gaan, zeker niet met de dienders in de buurt, wijzend naar de combi die aan de overkant voor het café stond geparkeerd.
Mijn vader zat in het café in het gezelschap van de getuige en de bestuurder van het busje en legde een alcoholtest af. Hij blies positief. Hij had het niet gewaagd om een vuurtje te vragen en bij gebrek aan nicotine om zich te kalmeren had hij een biertje gedronken. En daarna nog een. En daarna nog een?
Om elf uur in de ochtend arriveerde mijn moeder op de kraamafdeling. Om vierentwintig minuten na elf werd ik geboren, zonder mijn vader om mijn moeder bij te staan. Dat heeft ze hem haar hele leven lang kwalijk genomen. Mijn vader kreeg de dag van mijn geboorte geen loon uitbetaald, moest later voor de rechtbank verschijnen op verdenking van rijden onder invloed, werd uiteindelijk vrijgesproken, maar schaamde zich hier de rest van zijn leven voor. De herstelling van de Peugeot kostte hem zo mogelijk nog meer dan de reparatie van het Volkwagenbusje. Dat en de wrok van mijn moeder heeft hij mij zijn leven lang verweten.
Ik werd achtendertig jaar geleden geboren uit mijn moeder. Twee anderen waren mij die weg al voorgegaan, dus leverde dat geen noemenswaardig oponthoud op. Integendeel.
In de verloskamer waren naast mijn moeder, een vroedvrouw en een gynaecoloog verder niemand aanwezig. Die ochtend was de hoogzwangere vrouw nog druk doende geweest de vloer van de gang te schrobben. Gezeten op haar knieën, allicht niet weinig gehinderd door haar gezwollen buik, was zij in de weer op de natte tegelvloer. Haar man verpakte in de keuken zijn boterhammetjes in aluminiumfolie en maakte zich op om naar zijn werk te vertrekken. Waar haar gedachten naar uitgingen weet ik niet precies, maar vast staat dat ze werktuiglijk haar dweil over de tegels moet gewreven hebben, want op het moment dat haar vliezen braken merkte ze dat niet. Vruchtwater vermengde zich met het sop toen de weeën begonnen. Dat deed haar ogenblikkelijk terugkeren naar de werkelijkheid. Ze gilde door de gang naar haar echtgenoot dat het ogenblik was gekomen. Hij stak zijn hoofd de gang in, zich er voor behoedend de gladde vloer te betreden en vervolgens met een schuiver van jewelste een doodssmak te maken. Dat konden ze nu best missen. Maar van enige paniek was geen sprake. Ze hadden immers al twee geboorten achter de rug en wisten dus waaraan ze zich konden verwachten. In die jaren was ouderschapsverlof nog een nieuwigheid, en vaderschapsverlof onbestaand, dus overlegden mijn vader en moeder terwijl hij haar ondersteunde onderweg naar het toilet, het dichtstbijzijnde zitmeubel. Vanuit hun eerdere ervaringen hadden ze geleerd dat een bevalling niet noodzakelijk in een beperkt tijdsbestek afgehandeld wordt. De oudste had er maar liefst zestien uren gevuld met hard labeur voor nodig om uiteindelijk met behulp van de forceps ter wereld te komen. De tweede bleek in vergelijking een snelle jongen, maar ook hij deed er nog vlotjes negen uur over. Mijn vader wist, eveneens uit ervaring, dat wanneer hij niet op zijn werk verscheen omdat hij zijn vrouw moest bijstaan bij de geboorte van een kind, hem dat een betaalde vakantiedag zou kosten. De vorige keer waren de weeën begonnen even na middernacht en bevond hij zich aan de zijde van zijn vrouw in de verloskamer terwijl hij verwacht werd aan zijn bureau te zitten. Het opnemen van zijn vaderlijke verantwoordelijkheden en de nalatigheid in de euforie zijn afwezigheid te melden zorgden er voor dat hij voor die dag geen loon uitbetaald kreeg. Anders was het echter wanneer hij zoals gewoonlijk naar zijn werk vertrok en deed alsof er geen vuiltje aan de lucht was, tot zijn vrouw hem met een telefoontje terug naar huis zou sommeren. De verplaatsing naar zijn werk kostte hem een kleine twintig minuten. Ze zou hem met een gerust hart nog een half uurtje aan zijn bureau kunnen laten zitten alvorens hem op te bellen met het heuglijke nieuws dat het zo ver was. Dan had hij nogmaals een twintigtal minuten nodig om huiswaarts te keren, en een kleine rekensom som leerde hem dat dat alles slechts een tijdsbestek van een uur en tien minuten zou vergen. Zelfs als hun derde kind nog minder tijd nodig had om het levenslicht te aanschouwen dan bij de vorige het geval was, dan nog bleef er genoeg tijd over om haar naar het ziekenhuis te brengen. De hijgende en puffende vrouw vond alles best, zolang hij haar maar van dat verdomd oncomfortabele toilet af hielp en haar op de fauteuil installeerde.
Vader stapte in zijn rode Peugeot 404 en vertrok. Ietwat nerveus vanwege de op handen zijnde gebeurtenis nam hij met licht trillende hand een sigaret uit het pakje in zijn borstzak. Overhellend naar links tastte hij in zijn rechterbroekzak naar zijn aansteker. Hij vond het ding niet meteen, wat hem nog nerveuzer maakte. Had hij het misschien in zijn haast op de keukentafel laten liggen? Terwijl hij in zijn andere broekzak woelde zag de chauffeur van de wagen achter hem hoe de Peugeot licht begon te slingeren en zag mijn vader niet meteen het Volkswagenbusje dat niet van plan was zijn voorrang van rechts op te geven. Slechts een ogenblik later kon hij er niet naast kijken, want het had zich bepaald onzacht tegen zijn koetswerk gevleid. De achteropkomende chauffeur slaagde er in erger te vermijden en bracht zijn wagen tot stilstand. De bestuurder van het busje was al uitgestapt en tikte boos op het raam van de Peugeot, dat mijn vader geschrokken, de sigaret verfomfaaid tussen zijn lippen bungelend, naar beneden draaide. Hij durfde de rood aangelopen man niet om een vuurtje vragen, hoewel hij daar op dat ogenblik het meest behoefte aan had. Dus stapte hij op zijn beurt ook uit en inspecteerden de beide mannen de blikschade aan hun voertuigen. Mijn vader kon niet anders dan ruiterlijk toegeven dat de fout geheel bij hem lag. Gelukkig viel de schade al bij al nog mee. Het busje had een bumper verloren en een gebarsten koplamp, de Peugeot een fikse deuk in het spatbord. Hij probeerde net de chauffeur van het busje te overtuigen de verzekeringen niet op de hoogte te brengen en de zaak onderling te regelen toen de getuige er zich mee kwam bemoeien. Hij beende op de beide mannen af, roepend dat hij alles had gezien, en wel zou getuigen wanneer de politie zou opdagen. Mijn vader legde hem uit dat er geen politie opgeroepen hoefde te worden, dat ze er zo ook wel uit zouden komen, toen de man de bestuurder van het busje vertelde dat hij de Peugeot over de weg zag slingeren even voor de botsing. Hij was er van overtuigd dat mijn vader stomdronken was. Dat veranderde de zaak. Mijn vader probeerde nog hen beiden van het tegendeel te overtuigen door in hun gezicht te ademen en hen zich er van te laten vergewissen dat die adem geen zweem van een doordringend alcoholluchtje bevatte, maar de getuige was al onderweg naar een nabijgelegen café om daar de hulpdiensten te verwittigen. De chauffeur van het busje dwong hem in dezelfde richting te lopen terwijl mijn vader hem naar waarheid trachtte uit te leggen dat hij niet kon blijven wachten op de politie. Hij moest dringend naar huis omdat zijn vrouw op het punt stond te bevallen. Even leek de man te twijfelen, tot hij vroeg waar hij dan wel woonde en bij het horen van het adres concludeerde dat die locatie zich net in de tegenovergestelde richting bevond van de richting die mijn vader uitreed tot het ogenblik waarop hun beider carrosserieën elkaar omhelsden. Hij greep mijn vader stevig bij zijn nekvel en zette er stevig de pas in naar het café.
Mijn moeder merkte hoe de weeën steeds sneller en heviger werden en belde naar mijn vaders bureau, waar ze een collega aan de lijn kreeg die haar meldde dat hij nog niet op zijn post was gearriveerd. Nu voelde ze hoe een lichte paniek zich van haar meester maakte. Hij vroeg de man haar echtgenoot bij zijn aankomst te vertellen dat zij het niet langer hield. Ze zou een taxi bellen die haar naar het ziekenhuis zou brengen. Ze gooide de hoorn op de haak en vervolgens enkele toiletartikelen en een nachtjapon in een koffer, pauzerend wanneer de snerpende pijn in haar onderbuik weer in alle hevigheid kwam opzetten. Terwijl ze de taxi belde bedacht ze zich dat ze de buurvrouw moest vragen de oudste kinderen van school te halen. En waar hing die waardeloze vent van haar eigenlijk uit nu ze hem zo nodig had? Opnieuw belde ze naar zijn werk en opnieuw bleek er dat niemand hem daar had zien opdagen. De buurvrouw had haar liever naar het ziekenhuis begeleid dan de kinderen op te moeten vangen ? ze wist wat voor vervelende kereltjes dat konden zijn - maar beloofde desondanks die zware taak op haar frèle schouders te nemen. Toen de taxi eindelijk de straat indraaide stond zowat het volledige buurvrouwencorps op de stoep om mijn moeder uit te wuiven. Toen de taxibestuurder hoorde wat er op til was en hij het niet ondenkbaar achtte dat de blijde gebeurtenis zich op zijn achterbank zou voltrekken weigerde hij mijn inmiddels als een rund zwetende moeder te vervoeren. Ze moest maar een ziekenwagen bellen, vond hij. De arme vrouw snakte naar adem, maar vond er toch nog voldoende om de onwillige chauffeur rood aangelopen van uit de diepte van haar longen toe te gillen dat ze geen vruchtwater meer zou morsen op zijn kostbare interieur: De vliezen waren al uren geleden gebroken. Het buurvrouwencorps gilde hem op haar beurt toe wat een harteloze bal gehakt hij wel was, in zoveel mogelijk varianten daarop als ze maar konden bedenken, en dat waren er heel wat, terwijl één van hen naar binnen rende, zich glijdend door de blinkende gang een weg baande naar de keuken en daar het plastic tafellaken van de formica tafel griste. Het tafellaken werd over de achterbank gedrapeerd en mijn moeder daar bovenop. De taxi reed met gierende banden de straat weer uit. Het buurvrouwencorps was tevreden. Ze hadden de chauffeur eens goed op zijn nummer gezet en daarmee meteen ook een onderwerp om eventuele stiltes in de gesprekken bij de slager op te vullen.
De taxichauffeur trapte het gaspedaal diep in. Hij wilde dat hijgende, kreunende mens zo gauw mogelijk kwijt. Bovendien merkte hij in zijn achteruitkijkspiegel dat mijn moeder zich op de achterbank had omgedraaid, en zittend op haar knieën, haar armen zwaar leunend op de hoedenplank probeerde de pijn van de alsmaar heviger weeën te verbijten. Ze stootte daarbij hem afschuwelijk in de oren klinkende rauwe klanken uit die hem deden terugdenken aan die keer in zijn kindertijd, toen de oudste zoon van de boerderij aan de overkant van zijn vader de opdracht had gekregen een nest pasgeboren katjes van kant te maken en de zoon er een duivels genoegen in schiep daar een hele namiddag mee zoek te maken. Hij zette de autoradio aan, hard genoeg om het gejammer van zijn passagier te overstemmen. Hij dreef het volume op maar de vrouw gilde nu nog luider, dus nam hij zijn toevlucht tot het laatste redmiddel en brulde ?Silence is Golden? luidkeels mee. Tot hij inzag dat ze niet zomaar gilde, ze had het tegen hém, en ze wilde dat hij stopte. Dus hield hij zijn klep, maar ze bleef roepen dat hij moest stoppen. Ze wees naar een langs de kant van de weg geparkeerde Peugeot 404. Hij hield halt, zij beval hem in achteruit terug te rijden tot bij de achtergelaten auto. Eenmaal daar sprong ze met een gezien de situatie verbazingwekkende souplesse uit de taxi, liep op de rode auto af en tuurde door het raampje naar binnen. Daar ontwaarde ze niemand, en briesend zocht ze de omgeving af naar haar onbetrouwbare echtgenoot. Tijd om een speuractie te ondernemen had ze niet, ze had enkel haar woede. Haar woede én de losgeraakte bumper van een Volkswagenbusje. Daarmee koelde ze haar woede op de koplampen en de voorruit van de Peugeot, tot de taxichauffeur haar er op attendeerde dat de teller nog steeds liep en of ze oorspronkelijk niet iets anders gepland had dan het verbouwen van geparkeerde auto?s. Het leek hem niet verstandig daar nog lang mee door te gaan, zeker niet met de dienders in de buurt, wijzend naar de combi die aan de overkant voor het café stond geparkeerd.
Mijn vader zat in het café in het gezelschap van de getuige en de bestuurder van het busje en legde een alcoholtest af. Hij blies positief. Hij had het niet gewaagd om een vuurtje te vragen en bij gebrek aan nicotine om zich te kalmeren had hij een biertje gedronken. En daarna nog een. En daarna nog een?
Om elf uur in de ochtend arriveerde mijn moeder op de kraamafdeling. Om vierentwintig minuten na elf werd ik geboren, zonder mijn vader om mijn moeder bij te staan. Dat heeft ze hem haar hele leven lang kwalijk genomen. Mijn vader kreeg de dag van mijn geboorte geen loon uitbetaald, moest later voor de rechtbank verschijnen op verdenking van rijden onder invloed, werd uiteindelijk vrijgesproken, maar schaamde zich hier de rest van zijn leven voor. De herstelling van de Peugeot kostte hem zo mogelijk nog meer dan de reparatie van het Volkwagenbusje. Dat en de wrok van mijn moeder heeft hij mij zijn leven lang verweten.
Een boodschap uit de ruimte
Een tekstloos kortverhaal over een vreemd blitzbezoek aan Planeet Aarde, meer info op http://users.skynet.be/brechtevens/Strips/Een%20boodschap%20uit%20de%20ruimte/Boodschapuit15oktober.htm
vrijdag 14 oktober 2005
Dit is fictie zonder prentjes
Ik dacht, ik schrijf eens een boek. Waarom eigenlijk ook niet? Zo moeilijk kan dat niet zijn. Ik heb er al veel gelezen en tenslotte kan ik al schrijven sinds mijn zesde. Destijds gebruikten we zelfs nog potloden terwijl er tegenwoordig laptops bestaan. Dat kan de zaak alleen maar vereenvoudigen. En als bekende onbenullen die hun bekendheid enkel te danken hebben aan het feit dat ze onbenullen zijn die regelmatig het televisiescherm verachterlijken het kunnen, dan kan ik het vast ook. Verklaart zo?n onbenul in een zomerse talkshow dat ze best wel een lekkere spaghetti bolognaise kan bereiden, wordt ze diezelfde avond al gebeld door een happige uitgever die hun kookboek wat graag op de markt wil brengen. Schuimden ze de feestjes van de happy few af terwijl ze op dat ogenblik eigenlijk beweren aan een depressie te lijden, dan zit daar vast stof in voor een zelfhulp-boek. Krijgen ze achteraf nog de status van een soort onbenullige moeder Theresa der fuivende depressievelingen ook. Plus de royalties, natuurlijk. Het ergste wat mij kan gebeuren is dat het me uiteindelijk niet lukt, die schrijverij. In de café?s staan voortdurend allerlei kerels te verkondigen dat ze een boek zullen schrijven. Fantastische romans worden het. Ze vertellen mij en eenieder die het horen wil, de minst ter zake doende details incluis, waarover hun boek zal handelen. Over een complot binnen de geheime dienst van ons land dat er voor moet zorgen dat de monarchie afgeschaft wordt, of over een wilde nacht waarin een straatmadelief vermoordt wordt door een stel jongens die een vrijgezellenavond vieren maar iets te veel wit poeder door hun neus joegen. Of het ergste voornemen van allemaal; iets autobiografisch. Maar ze doen het nooit. Waarom niet? Wat weerhoudt hen er van? Dat zal ik je zeggen: Omdat ze bang zijn van een mislukking. Bij mij ligt dat anders. Alles wat ik eerder ondernam mislukte al, dus dat ben ik alvast gewend en afschrikken doet het me al lang niet meer. Ik put troost uit de gedachte dat de poging belangrijker is dan het resultaat. Een beetje zoals het Olympische credo, waarmee ik mezelf op de been en gaande tracht te houden. De atleten hebben daar doping voor, ik enkel een instrument om op te tikken en een troostrijke gedachte waarvan ik diep vanbinnen besef dat ze me een rad voor ogen draait. Proberen kan best fun zijn, maar zodra je merkt dat je afstevent op een fiasco is alle lol er meteen af.
Dus probeer ik fun te hebben door een boek te schrijven.Geen flauw idee waarover het kan gaan, die roman van me. Want het wordt een roman. Ik ga heus geen sociologisch non-fictiewerkje schrijven. Liefst een dikke roman, waarmee je niet in enkele uurtjes klaar bent, eentje zwaar genoeg om een zak cement te beconcurreren, eentje waarin ieder woord op zijn plaats staat, met een verhaal dat voortraast als een dolle trein. Avontuur! Spanning! En nog meer van dat! Met een interessant hoofdpersonage. Knap, atletisch gebouwd, een vrouwenmagneet. Alles wat ik niet ben maar zou willen zijn, en ik geef hem mijn naam. Zo slim ben ik wel. En wanneer het boek gepubliceerd wordt en laaiend enthousiast gerecenseerd wordt, wanneer ik moet opdraven in allerlei literaire radio-programma?s ( bestaan die eigenlijk wel?) en televisionele non-events, zal ik eindelijk kunnen beginnen aan het leven dat ik me altijd al droomde. Want de mensen zullen me vereenzelvigen met mijn romanpersonage. In hun ogen bén ik al die knappe atletische vrouwenversierder uit mijn verzonnen autobiografie, dus is het een fluitje van een cent om hun projectie in te vullen. Daar bovenop omgeeft mij tegen die tijd ook nog eens het aura van de gevierde schrijver. Dat moet toch ook een bepaalde aantrekkingskracht sorteren bij een deel van mijn publiek. Waarschijnlijk dat deel van mijn publiek dat mijn boek gelezen zal hebben. Tenminste, dat is het plan. Daarop hoop ik. Ik schrijf niet om mezelf in de analen van de geschiedenis vermeld te zien, ik schrijf om anale seks te hebben met gewillige vrouwen. Dat is een van mijn vele eerdere mislukkingen. Het wordt verdomme tijd. Ik ben bijna veertig. Ik ben kwaad. En ik kan typen.
En morgen volgt hoofdstuk 1
Dus probeer ik fun te hebben door een boek te schrijven.Geen flauw idee waarover het kan gaan, die roman van me. Want het wordt een roman. Ik ga heus geen sociologisch non-fictiewerkje schrijven. Liefst een dikke roman, waarmee je niet in enkele uurtjes klaar bent, eentje zwaar genoeg om een zak cement te beconcurreren, eentje waarin ieder woord op zijn plaats staat, met een verhaal dat voortraast als een dolle trein. Avontuur! Spanning! En nog meer van dat! Met een interessant hoofdpersonage. Knap, atletisch gebouwd, een vrouwenmagneet. Alles wat ik niet ben maar zou willen zijn, en ik geef hem mijn naam. Zo slim ben ik wel. En wanneer het boek gepubliceerd wordt en laaiend enthousiast gerecenseerd wordt, wanneer ik moet opdraven in allerlei literaire radio-programma?s ( bestaan die eigenlijk wel?) en televisionele non-events, zal ik eindelijk kunnen beginnen aan het leven dat ik me altijd al droomde. Want de mensen zullen me vereenzelvigen met mijn romanpersonage. In hun ogen bén ik al die knappe atletische vrouwenversierder uit mijn verzonnen autobiografie, dus is het een fluitje van een cent om hun projectie in te vullen. Daar bovenop omgeeft mij tegen die tijd ook nog eens het aura van de gevierde schrijver. Dat moet toch ook een bepaalde aantrekkingskracht sorteren bij een deel van mijn publiek. Waarschijnlijk dat deel van mijn publiek dat mijn boek gelezen zal hebben. Tenminste, dat is het plan. Daarop hoop ik. Ik schrijf niet om mezelf in de analen van de geschiedenis vermeld te zien, ik schrijf om anale seks te hebben met gewillige vrouwen. Dat is een van mijn vele eerdere mislukkingen. Het wordt verdomme tijd. Ik ben bijna veertig. Ik ben kwaad. En ik kan typen.
En morgen volgt hoofdstuk 1
en nu terug serieus
dinsdag 11 oktober 2005
Big in Japan
en 't is nog waar ook! Dit zijn twee kinderboeken van mij die vertaald zijn in Japan. Je kan ze ook vinden in de De Slegte's in België en Nederland (niet gedumpt maar rechtstreeks verkocht aan hen)
Tijdens voorleessessies gebruik ik het boek met de pop -up krokodil als laatste in de reeks. De kindjes worden er wild van! Misschien niet een commercieel succes maar de kinderen zijn er zot van
Abonneren op:
Posts (Atom)